(ONT)SPANNING – een ervaringsverhaal

Verwijten

Afgebrand van het werk stap ik uit de auto. Het plezier gaat over naar moeten en dus neemt mijn automatische piloot het over. Een halster pakken en richting de wei strompelen. Mijn hoofd draait. Het benauwende gevoel en mijn razende gedachten hebben de overhand. De lijst met verwijten naar mezelf wordt langer en langer.

  • Je zou nog wel…

  • Heb je al…

  • Vergeet niet om…

  • Als je dit niet af krijgt dan…

  • Je mag nu eigenlijk niet…

  • Voor je gaat slapen moet je…

  • Maar wat als…

Nog een schepje boven op

Een brommende hinnik haalt me terug naar waar ik ben. De ingang van het weiland. Met een grote fries die nieuwsgierig bij het hek staat te wachten. Als ik hem zijn halster op wil doen begint hij mij met zijn hoofd te duwen. “Niet zo drammen” zeg ik. Het loopje naar de stal is niet beter. Hij trekt, probeert gras te happen, schrikt en dramt door. Wat is er aan de hand hier? Hij loopt mij voorbij en duwt mij aan de kant met zijn schouder. Mijn frustratie begint op te lopen.

“Ik kom hier voor mijn ontspanning, na een harde dag werken! En nu dit? “

Belachelijk vind ik het. Een weg die we al 1000 keer hebben gelopen. Het gezwaai met zijn staart wordt erger en hij begint van de spanning te snurken.

Scannen van de signalen

Ik zet hem stil. Dit werkt niet. Ik ken mezelf al wel langer dan vandaag! Door zijn gedrag wordt ik gedwongen om te kijken naar wat er is. Ik begin te analyseren.

Paard

  • strakke spieren van het paard
  • onrustig orenspel en grote neusgaten
  • Allert op de omgeving
  • Zwiepende staart
  • Snurken
  • Duwen en trekken

Ik

  • gespannen
  • druk in mijn hoofd
  • met de gedachten overal en nergens
  • vermoeide spieren
  • prikkelbaar

Logisch. Het gedrag van het paard is verklaarbaar. Naar mezelf kijkend concludeer ik dat ik alles behalve secuur en veiligheid – biedend naast het paard loop.

Mijn lichaamstaal maakt duidelijk hoe ik in mijn vel zit- of tewel- dat ik nog in mijn hoofd zit. Het paard heeft dit meteen door. Hij zet mij meteen oog in oog met wat ik uitstraal.

Je bent niet aanwezig, dus ik neem even de leiding en laat je zien wat je moet doen wanneer het niet veilig is”. 

 

MINDFUL ZIJN

Ik zucht diep en laat tegelijker tijd mijn armen zinken. De spanning op het halstertouw verdwijnt. Met gesloten ogen sta ik naast het paard. Ik raak zijn spieren aan, nog steeds gespannen. Ik focus op de lichamelijke prikkels.

 

VOELEN: De vacht, warm en bezweet. De haartjes van zijn vacht die mijn huis raken en hoe het plakt tussen mijn vingers. Ik leun met mijn lijf tegen zijn romp.

HOREN: Het horen van zijn adem die nu wat rustiger begint te worden. De vogeltjes die vrolijk fluiten. In de verte een auto.

RUIKEN: Het gras is net gemaaid. De zweet van de spanning van het paard, die overheerst.

ZIEN: Ik doe mijn ogen weer open. Ik zie de haartjes, zwart met een bruine gloed.

 

Het is stil in mijn hoofd. Eindelijk.
De spanning is van me afgegleden, en ook van het paard. Met een hand vol vertrouwen en een los hangend halstertouw lopen wij ontspannen verder. Ik ben weer bij mezelf, in het hier en nu. Het paard dat mij de spiegel voor houdt – zonder woorden, zonder uitleg. Een taal die ik meteen begrijp.